Start
Redactie
Beemster Agenda
Nieuwsarchief
Foto-impressies
In gesprek met
Verenigingen
Gastenboek
Over de Bengel
Links

'Grootvaders klok' bijzonder museumstuk
Laatste telg geslacht Alewijn vermaakte klok aan Museum Betje Wolff

Middenbeemster 4 augustus 2016

In de domineeskamer van Museum Betje Wolff staat een bijzonder museumstuk: een staand horloge, dat drie eeuwen geleden door de Amsterdamse stadsklokkenmaker Symon van Leeuwen werd gemaakt.
Wat de klok allemaal kan, grenst aan het verbazingwekkende. Naast het hele en het halve uur slaat het uurwerk ook elk kwartier en geeft daarbij tevens aan of het vóór of na het hele uur is. Ook kan de klok slaan als aan een touwtje in de kast wordt getrokken. Verder zit er een wekker en een secondenwijzer in en de maanstanden worden aangegeven.
Dit staand horloge zou een bijzondere geschiedenis kunnen vertellen, een geschiedenis, die omstreeks 1700 in de Beemster is begonnen toen Symon van Leeuwen van de familie van Tuyll van Serooskerken Boreel opdracht kreeg voor het maken van deze klok.

Boreel
De naam Tuyll van Serooskerken in combinatie met Boreel wordt niet in de archieven van Beemster genoemd. De naam Boreel duikt op in de geschiedenis van 'Het Spaanse Huis' aan de Jisperweg 98 BK 48-49. Eigenaresse is dan Apollonia Rendorp (1682-1758) die trouwde met Balthasar Boreel (1673-1744), zoon van mr. Jacob Boreel en Isabella Coymans. Balthasar was burgemeester van Amsterdam en bewindhebber van de VOC. Vanaf 1723 was hij hoofdingeland van de Beemster.
Het huwelijk van Balthasar en Apollonia bleef kinderloos en zo kwam de klok door vererving tenslotte in bezit van het geslacht Alewijn, dat op het grote buiten Vredenburgh resideerde.

NB.De combinatie Tuyll van Serooskerke Boreel wordt pas genoemd als in 1902 jkvr. Cornelie Maria Boreel (1879-1957), grootmeesteres van Wilhelmina en Juliana in 1902 trouwde met Frederic Willem baron van Tuyll van Serooskerke. (Wikipedia) .

Vredenburgh
Het buiten Vredenburgh werd al in 1819 gesloopt. De allerlaatste telg uit het geslacht Alewijn. Jonkheer mr. Frederik Alewijn, overleed in 1997. Hij was een hartstochtelijk verzamelaar van klokken en hij bleek het staand horloge nog in zijn bezit te hebben. Hij was van plan om het staand horloge aan Betje Wolff te schenken, opdat de klok weer terug zou komen in de Beemster, waar die altijd heeft gestaan. Het was wel lang wachten, want de jonkheer werd maar liefst 98 jaar. Na zijn overlijden kreeg het bestuur van Betje Wolff een brief waarin stond dat Alewijn de klok inderdaad in zijn testament had opgenomen.

Het Historisch Genootschap mocht het 2.60 m hoge staande uurwerk ophalen.
Voor het in de domineeskamer van Museum Betje Wolff kon worden geplaatst, werden echter de kast en het uurwerk van de bijna 300-jaar oude klok grondig gerestaureerd. De Amsterdamse uurwerkestaurateur G.I Scholman heeft met uiterste precisie het bijna 300-jaar oude uurwerk helemaal gedemonteerd, schoongemaakt, gerepareerd en weer in elkaar gezet. De wijzerplaat werd opnieuw verzilverd en tenslotte plaatste hij op de achterkant zijn initialen.
Antiquair Theo van Rossum nam de kast, waarvan de kap en de onderkant waren losgeraakt, onderhanden. Er ontbrak een bol en ook een pootje was aan vervanging toe.
De klok is te bewonderen tijdens de openstelling van het museum Betje Wolff op van mei t/m september op dinsdag t/m vrijdag van 11 00 tot 1700 uur en op zondag van 14.00 tot 1700 uur.

Bron www.beemsterbuitenplaatsen.nl/BK48.htm (de geschiedenis van Het Spaanse Huis)