Start
Redactie
Beemster Agenda
Nieuwsarchief
Foto-impressies
In gesprek met
Verenigingen
Gastenboek
Over de Bengel
Links
Waterlands Archief over opvang en verzorging van politiegevangenen en zwervers
Beemster, 18 november 2016

Uit het Waterlands Archief, waar Beemster onlangs de gemeentelijke stukken uit de periode van 1910-1940 heeft ingebracht, rapporteerde coordinator Cees de Groot het volgende schrijnende bericht, dat onder de noemer: Verpleging en verzorging van politiegevangenen en zwervers was geplaatst. Het betreft de lotgevallen van de Amsterdammer Glotzbach uit de Kattenburgerstraat, die sinds de mobilisatie op 1 augustus 1914 als landweer was ingekwartierd op fort Benoorden Purmerend. Lees meer over de mobilisatie van 1914.

 

  Terug van verlof
Het is 5 maart 1915 als burgemeester Kooijman aan zijn collega in Amsterdam een brief schrijft over de in het fort Benoorden Purmerend milicien Glotzbach.
Deze was na zijn verlof teruggekeerd. Hij bleek echter niet alleen te zijn, want aan zijn broekspijpen hingen drie kleine verdrietige kinderen, die door hun moeder in de steek waren gelaten.
De wanhopige Glotzbach wist geen andere oplossing te bedenken dan ze maar mee te nemen naar de Beemster.Maar een fort is eenmaal geen geschikte verblijfplaats voor jonge kinderen.
Opvang bij particulier
De fortcommandant zat natuurlijk met deze onverwachte en ongewenste jonge gasten mooi in zijn maag. Hij stelde onverwijld het gemeentebestuur van Beemster op de hoogte.
Als voorlopige oplossing werden de kinderen zolang in een gastgezin ondergebracht tegen een vergoeding van één gulden per dag.
Hun verblijf duurde slechts drie dagen en kostte de Gemeente Beemster in totaal 10 gulden.

Een foto van de manschappen op Fort Benoorden Purmerend uit 2015, waar milicien Glotzbach wellicht op zal staan.
 
  Stadsbestedelingenhuis
De Hoofdcommissaris van Politie te Amsterdam, afdeling Kattenburg, zorgde echter al snel voor een oplossing: de kleine Glotzbachjes werden opgenomen in het Amsterdamse Stadsbestedelingenhuis, het voormalige Wilhelmina Buitengasthuis. Lees meer.
De Gemeente Beemster wilde echter schadeloos gesteld worden voor de gemaakte kosten. Burgemeester Kooijman stuurde daarom op 5 maart 1915 een brief aan zijn Amsterdamse collega Jan Willem Tellegen met het beleefd verzoek of het voorgeschoten bedrag in aanmerking kon komen voor de Rijksvergoeding zoals die vastgelegd was in de regeling van 1913.

Tellegen antwoordde op 15 april 1915 dat de kinderen al sinds enige tijd kostenloos werden verpleegd in het Stadsbestedelingenhuis. Als de Gemeente Beemster schadeloos gesteld wilde worden moest een officiële aanvraag worden ingediend.
Uit de gemaakte aantekening op deze brief valt op te maken dat de aanvraag er nooit is gekomen. Het Armbestuur van Purmerend bleek de zeer geringe kosten voor zijn rekening te hebben genomen.